De wet en het moderne gezin
Geplaatst op 20 juli 2026
De wet en het moderne gezinMeerouderschap in de wet: hoog tijd of te voorbarig?
De samenleving verandert, en gezinsvormen veranderen mee. Twee moeders en een vader die samen een kind opvoeden. Een stel dat een kinderwens vervult met een derde of vierde betrokkene. Of een donor die niet alleen biologisch betrokken wil zijn, maar ook een blijvende ouderrol wil vervullen. Zulke gezinsvormen komen steeds vaker voor. Toch sluit de huidige wetgeving daar nog onvoldoende op aan.
In Nederland kan een kind op dit moment maximaal twee juridisch ouders hebben. Dat betekent dat alleen deze twee ouders bevoegd zijn om belangrijke beslissingen te nemen over bijvoorbeeld school, medische zorg en verblijf. Andere volwassenen die in de praktijk een wezenlijke rol spelen in de verzorging en opvoeding van het kind, hebben juridisch geen zelfstandige positie. Dat zorgt in de praktijk geregeld voor onduidelijkheid en een kwetsbaar evenwicht.
Een actueel wetsvoorstel met grote gevolgen
Om die kloof tussen praktijk en wet te verkleinen, is een initiatiefwetsvoorstel ingediend dat meerouderschap mogelijk moet maken. Het voorstel beoogt dat drie of vier volwassenen juridisch ouder kunnen worden van een kind, mits zij vóór de conceptie gezamenlijk de intentie hadden om het kind samen op te voeden. Dat voorstel maakt veel los. Vanuit de juridische praktijk is er waardering voor het feit dat de wetgever oog heeft voor moderne gezinsvormen, maar er is ook kritiek op de uitwerking. Zo wordt erop gewezen dat het voorstel op belangrijke onderdelen nog onvoldoende is uitgewerkt, wat kan leiden tot rechtsonzekerheid en een grote rol voor de rechter bij de verdere invulling van de regeling. Ook de toegankelijkheid van de voorgestelde procedure roept vragen op.
Onderzoek vanuit de praktijk en de rechtsvergelijking
Onze werkstudent Rosa heeft zich voor haar bachelorscriptie verdiept in dit wetsvoorstel. Hiervoor heeft zij onder andere gesproken met Matthijs Hazenkamp, beleidsmaker van de VVD. Rosa heeft het Nederlandse voorstel vergeleken met de bestaande regelgeving in drie Canadese provincies. Dat rechtsvergelijkende onderzoek laat zien dat meerouderschap daar al langer wettelijk mogelijk is en op onderdelen eenvoudiger is geregeld dan in het Nederlandse voorstel. Tegelijkertijd maakt haar onderzoek ook duidelijk dat eenvoud niet altijd voldoende is. Juist als meerdere ouders samen verantwoordelijkheid dragen voor een kind, is het belangrijk dat vooraf goede afspraken worden gemaakt over bijvoorbeeld opvoeding, besluitvorming en kosten. Een duidelijke regeling kan bijdragen aan stabiliteit en voorspelbaarheid voor alle betrokkenen, en in het bijzonder voor het kind.
Zorgvuldige wetgeving blijft noodzakelijk
De maatschappelijke ontwikkeling is duidelijk: gezinsvormen worden diverser en de behoefte aan juridische erkenning groeit. De vraag is daarom niet alleen óf meerouderschap wettelijk mogelijk moet worden, maar vooral hoe dat zorgvuldig moet worden geregeld. Een wettelijke regeling moet niet alleen aansluiten bij de praktijk, maar ook duidelijk, uitvoerbaar en in het belang van het kind zijn.
Meerouderschap lijkt daarmee in veel opzichten een logische volgende stap. Maar alleen als de wetgever erin slaagt om een regeling te maken die juridisch houdbaar én praktisch werkbaar is.
De ontwikkelingen rond meerouderschap zijn volop in beweging.
Wij volgen die op de voet.


